ALGEMEEN BELEID

Toepassing van virtualisatie

Er zijn een aantal vormen van virtualisatie. Voor de duidelijkheid beschrijven we wat Centric onder een aantal van deze vormen verstaat.

Hardware- of servervirtualisatie

Hardware virtualisatie is een techniek die het mogelijk maakt een besturingssysteem los te koppelen van fysieke hardware. Op deze manier kunnen meerdere virtuele servers ondergebracht worden op één fysieke onderlaag. Met hardware virtualisatie kunnen resources als processoren, schijfruimte en geheugen efficiënter gebruikt worden en neemt de flexibiliteit ervan toe. Er zijn meerdere methodes om deze resources te verdelen: ‘harde virtualisatie’ en virtualisatie via een zogenaamde hypervisor.

Bij harde virtualisatie worden de aanwezige resources hardwarematig verdeeld onder de aanwezige virtuele servers. Bij virtualisatie via een hypervisor neemt een aanwezige softwarelaag deze verdeling voor zijn rekening. Deze hypervisor is de reden dat Centric haar applicaties specifiek vrijgeeft. Centric ondersteunt Microsoft Hyper-V, VMWare ESX en Oracle VM als algemene hypervisor-lagen.

 

Desktopvirtualisatie

 Desktopvirtualisatie is grofweg in twee delen te splitsen. De virtualisatie vindt in beide gevallen plaats op een server. In de ene situatie functioneren de applicaties op de server zelf. In de tweede situatie ontvangt de aangesloten client een compleet op zichzelf staand besturingssysteem.

In de eerste variant spreken we van Server Based Computing. Een voorbeeld hiervan is op Windows 2012 R2 gebaseerde Remote Desktop Services. De applicaties worden op een server geïnstalleerd en uitgevoerd. De beeldinformatie is zichtbaar op de client.

In deze virtualisatie-variant moet de applicatie geschikt zijn om op een dergelijke terminalserver goed te functioneren. De clientsoftware draait op een serverbesturingssysteem. Dit is de reden waarom Centric zijn applicaties vrijgeeft op deze variant van desktopvirtualisatie.

Bij deze tweede variant (we spreken dan van Virtual Desktop Infrastructure of VDI) krijgt de gebruiker van afstand toegang tot een complete desktop. Deze desktop wordt aangeboden vanaf een server. Een voorbeeld hiervan is Citrix XenDesktop. In tegenstelling tot de vorige variant draait de applicatie op een clientbesturingssysteem.

Het beleid van Centric rond de VDI-variant is dat er geen specifieke vrijgavetrajecten voor uitgevoerd worden. De applicatie draait immers op een - weliswaar virtueel - clientbesturingssysteem. Hiervoor geldt de vrijgavematrix die in het onderdeel ‘Clientplatformen’ staat weergegeven. Centric ondersteunt dit op basis van best-effort.

Applicatievirtualisatie

Bij applicatievirtualisatie draaien applicaties lokaal op een desktop, gebruikmakend van lokale systeembronnen, zonder dat de applicatie op de machine is geïnstalleerd. Er is een vergelijking mogelijk met op terminalservers gebaseerde toepassingen, met het grote verschil dat bij terminalservers de applicaties op een server draaien en bij applicatievirtualisatie de applicaties lokaal draaien.

Het beleid van Centric is dat er geen specifieke vrijgavetrajecten voor applicatievirtualisatie opgestart worden. De applicatie draait immers op een fysiek clientbesturingssysteem. Hiervoor geldt de vrijgavematrix die is weergegeven in het onderdeel Clientplatformen. Centric ondersteunt dit op basis van best-effort.